Onze ogen zijn onzeker en log. Al lezende springen ze keer op keer terug in de tekst om delen nogmaals waar te nemen. Enkele milliseconden lang blijven ze hangen bij afzonderlijke woorden. Wat de ogen nodig hebben is lef, meent 'snelleesgoeroe' - Iwan Marckmann. Lef om het tempo te versnellen en de overtuiging volledig te kunnen vertrouwen op de capaciteit van de hersenen, om in een enkele milliseconde een woord te decoderen tot een begrip.
De gemiddelde lezer leest 250 woorden per minuut. Hij laat zijn oog rusten op bijna elk woord (focuspunt) en blijft daar 250 milliseconden hangen, waarin het oog ongeveer zestien letters waarneemt en doorstuurt naar de hersenen. Tussendoor schiet de blik gedurende 25 procent van de leestijd terug in de tekst (regressie). De meeste lezers vocaliseren letters: ze lezen als het ware 'geluidloos' hardop en herhalen woorden in gedachten. De lippen bewegen, soms is een ondefinieerbaar geprevel hoorbaar en in veel gevallen trilt de adamsappel.
Allemaal verspilde tijd, verzekert Iwan Marckmann, die sinds 1992 bij Marckmann Institute ruim 50.000 snelleescursisten tot snelheid stimuleerde. Iemand die werkzaam is in het midden- tot hoger kader leest gemiddeld tien uur per week. Opgevoerd tot tweemaal sneller, dus 500 woorden per minuut, is dat een besparing van wekelijks vijf uur en maandelijks twintig uur. 'Een dergelijke tijdsbesparing levert bij topbanen een maandelijkse financiƫle winst van 3000 Euro op,' rekent Marckmann voor. Ook de informatiestress waar veel mensen aan leiden verdwijnt als sneeuw voor de zon waardoor voor veel mensen lezen weer een leuke ontspannende bezigheid wordt.
Maar niet alleen in geld uitgedrukt is de winst groot, want 'waarom zou je tijd besteden aan lezen als je in die tijd ook met je gezin op stap kunt gaan?' De voorstelling van zaken van Marckmann lijkt echter wat al te ideaal. ,,Ik heb na de cursus niet meer vrije tijd gekregen, ik ben meer gaan lezen in hetzelfde tijdsbestek'', zegt John Lavalle, die dit voorjaar een snelleescursus volgde bij het instituut in Rotterdam. "Ik kan mijn beslissingen nu beter voorbereiden, omdat ik stukken kan lezen waarvoor ik eerder geen tijd had. Helaas sturen mijn collega’s me niet naar huis zodra ik een bepaalde portie lectuur doorgespit heb."
John is dankzij de cursus ongeveer driemaal sneller gaan lezen, zo schat hij. Nog altijd leest hij met zijn vinger bij de tekst, een methode die tijdens de cursus wordt aangeleerd en waardoor het oog wordt 'gedwongen' hetzelfde tempo te volgen. Behalve voor zijn werk bij de Ericsson was de cursus een aanwinst voor zijn studie in de avonduren. Deed hij in december van het vorige jaar nog drie maanden over de voorbereiding op een tentamen, in juni had hij slechts anderhalve maand nodig. John had het geluk aanleg te hebben voor tempolezen. Uit de test voor aanvang van de cursus bleek dat hij al drie- tot vierhonderd woorden per minuut haalt.
Onderzoeken tonen aan dat geboren snellezers een hogere intelligentie hebben. Hun hersenen hebben nauwelijks behoefte aan herhaling en zoeken in rap tempo de juiste decodering van de reeks letters. De laatste Amerikaanse presidenten waren snellezers, met uitzondering van Ronald Reagan die het niet onder de knie kreeg. John F. Kennedy was een natuurtalent; hij las veertienhonderd woorden in een minuut.
Maar aanleg is geen vereiste, verzekert docent Marckmann. Belangrijker zijn concentratie en motivatie (het huiswerk bij de cursus kan 'saai' zijn als je het BOAS principe niet toepast; dit kost een half uur per dag). De cursus duurt zes avonden en bestaat uit een 'motorisch' gedeelte, gericht op training van de oogbeweging, en een 'inhoudelijk' deel, waarin wordt gestreefd naar een zo groot mogelijk tekstbegrip in combinatie met tempo lezen.
Vooral tijdens de eerste drie lessen krijgt de cursist het idee terug te zijn in de schoolbanken. Leverde het lezen met hulp van de wijsvinger vroeger een standje van de leerkracht op, tijdens deze cursus 'vinden wij dat helemaal niet meer kinderachtig.' Vervolgens geeft Marckmann les in methoden met namen als doubleren (twee zinnen tegelijk lezen) en ‘de Z slinger' met een slingerbeweging door een kolomtekst gaan).
Tijdens de laatste lessen staat het tekstbegrip centraal. Met behoud van een redelijke snelheid concentreert de lezer zich op sleutelwoorden en gedeelten met een hoog informatiegehalte. Dit artikel zou de helft korter zijn wanneer alle informatieloze woorden zouden worden weggestreept. Wat overblijft, is een telegram met steekwoorden, waartussen de hersenen zelf een verband leggen. Een snellezer zou deze alinea 'skimmen' op de woorden: 'laatste lessen', 'tekstbegrip', 'sleutelwoorden', 'informatieloze woorden', 'helft korter', 'hersenen', 'verband', 'skimmen'.
Van Jasper Steggerda is bekend dat hij op deze manier in een paar minuten het weekblad Quote van achter naar voren las. Ook deze krant kan binnen tien minuten terzijde worden geschoven door enkel de koppen, de fotobijschriften, de inleidingen en hier en daar de eerste regels van alinea's te lezen. De lezer is dan in grote lijnen op de hoogte en kan de gewenste details gericht nazoeken.
In zekere zin dient elk dagblad al jaren de gehaaste lezer. Kolommen leveren een leestijdbesparing op van ongeveer dertig procent, omdat het oog in kortere tijd van regel tot regel gaat. De uitdaging ligt voor een gedeelte in het oprekken horizontaal en verticaal van uw oogspieren. Immers, hoe groter uw blikveld des te meer u ziet en des te sneller u kunt lezen!
Lees meer over time management en persoonlijke effectiviteit
Geen opmerkingen:
Een reactie posten